#22 De dag dat ik wel voor mezelf koos (en wat er gebeurde)

Gepubliceerd op 4 mei 2026 om 20:03

Ik leerde dat thuiskomen bij jezelf begint op het moment dat je stopt met jezelf verlaten.

Vijf jaar geleden ben ik op straat in elkaar gezakt.
Mijn lichaam schreeuwde al langer, maar ik luisterde niet.

Die ochtend wilde ik nog even snel de hond uitlaten.
Het einde van de straat heb ik niet gehaald.

Ik zakte gewoon, huppakee, in kleermakerszit op de stoep.

Ambulance erbij, mensen om mij heen.
Niet dat ik dat nog weet, ik werd wakker in het ziekenhuis.
Later is mij verteld dat ik alleen maar continu bleef zeggen: “Ik ben zo moe.”
En dat ik, elke keer als ze vroegen naar mijn geboortedatum, mijn telefoonnummer opdreunde.

Na twee gesprekken met de praktijkondersteuner was zijn conclusie: je hebt te weinig zelfliefde.

Ik vond dat onzin. Dat heb ik hem ook gezegd.
En daarna ben ik niet meer teruggegaan.

Nu, jaren later, kan ik zeggen: hij had gelijk.
Maar ik kon het toen niet zien.

Want van buiten leek mijn leven eigenlijk best goed.

Ik had een liefhebbende man.
Gezonde, vrolijke kinderen.
Een dak boven mijn hoofd.
Een baan. Vrienden.

En precies dat maakte het zo ingewikkeld.

Want als je alles hebt wat “goed” is… waarom voel je je dan niet goed?

Dat was de vraag die ik zelf niet goed kon beantwoorden.
En mijn omgeving ook niet.

“Maar je hebt toch alles?”
“Waarom ben je dan ongelukkig?”
“Je moet niet klagen.”

Ik voelde mij daarin zo niet gezien.

Niet alleen door mijn omgeving.
Maar ook door mezelf.

Ik probeerde het te verbergen.
Door door te gaan. Door te regelen.
Door te lachen waar het moest.

Maar vanbinnen was ik moe.

Leeg.

En als ik in de spiegel keek, wist ik het niet meer.

Ik zag iemand terug die ik niet kon plaatsen.
Ik zag alleen: ze keek verdrietig.

Ik had geen plezier meer. In niks.
Ik was er wel, maar ook niet echt.
Alles was teveel geworden.

Het huis werd een rommel.
De was stapelde zich op.
Ik had een kort lontje.
Met de kinderen deed ik niet meer echt iets leuks.
En soms wilde ik gewoon dat ze mij even met rust lieten.

En dat deed pijn.
Want ik wilde zo graag gewoon een leuke moeder zijn.

Maar ik voelde mij vooral… leeg.

Ik ging op zoek naar hulp.
Iemand die zou begrijpen wat het betekent om jezelf kwijt te raken als moeder.

Maar ik vond niemand die echt klopte.

Er was één vrouw die mijn interesse wekte, maar zij had geen prijzen op haar website staan.
En de drempel voelde te hoog om contact op te nemen.

Dus bleef ik zitten waar ik zat.
Scrollend. Zoekend. Hopend.

Op de bank typte ik steeds weer dezelfde woorden in Google:

weer gelukkig worden als moeder
coach voor moeders
ik ben niet gelukkig, wat te doen

En ik vond wel dingen.
Maar het raakte het nooit echt.

Alsof ik langs allemaal antwoorden liep die net niet over mij gingen.

Ik begon met het luisteren naar podcasts.
Ik las zelfhulpboeken over zelfliefde, over het brein, over beter leven, manifesteren.

En dat hielp een beetje.
Het gaf woorden aan wat ik voelde.

Maar nergens kwam dat ene moment.

Dat diepe: ja… dit is het.

Dat gevoel dat je niet meer hoeft te zoeken.
Dat je lijf ontspant.
Dat je weet: dit klopt.

Ik miste het.

En ergens begon dat steeds duidelijker te worden:
misschien lag het niet buiten mij.

Misschien zocht ik iets wat ik nog niet in mezelf kon zien.

Tot er iets kantelde.

Niet groot.
Niet spectaculair.

Maar stil.

Een gedachte die bleef hangen:
als ik niemand vind die mij begrijpt…
dan wil ik die helpende hand worden die ik zelf zo mis als moeder.

En precies daar kwam Persoonlijke Kracht op mijn pad.

Het voelde anders dan alles wat ik tot dan toe had gezien.

Kleuren. Powertypes. Drijfveren.
En ineens werd het niet ingewikkelder, maar eenvoudiger.

Alsof iemand niet tegen mij zei: je moet meer worden.
Maar: je mag gaan zien wie je al bent.

En daar viel iets open.

Ik ontdekte bijvoorbeeld iets wat mij al mijn hele leven had tegengehouden:
ik voelde mij altijd “te jong”.

Als tienermoeder, met alle meningen van anderen in mijn hoofd.
(dat gaat je/jullie niet lukken).

En later opnieuw, toen ik leidinggevende werd.
In het sollicitatiegesprek stelde ik dezelfde vraag:
ben ik niet te jong?

Tot ik zag dat in mijn powertype (mint, de ondernemende innovator) juist die jeugdigheid een kracht is.

Niet iets wat ik moest wegstoppen.
Maar iets wat mij in beweging zet.

En dat deed iets met mij.

Alsof er een laag spanning van mijn schouders viel die ik altijd normaal had gevonden.

En toen kwam mijn krachtdier.

De flamingo.

En dat voelde niet als iets “leuks symbolisch”.
Dat voelde als herkenning.

Want flamingo’s verliezen hun kleur als ze een kuiken krijgen.
Alles gaat naar het kind: energie, aandacht, voedsel.

En ineens snapte ik mezelf.

Niet als verhaal.
Maar als gevoel.

Ik was mijn kleur kwijtgeraakt.

Niet stuk.
Niet verdwenen.
Maar volledig opgegaan in zorgen, dragen en doorgaan.

En dat gaf opluchting.

Want als je je kleur kunt verliezen…
dan kun je hem ook terugvinden.

Maar er zat nog iets onder.

Want begrijpen is één ding.
Maar loslaten is iets anders.

En precies daar kwam NEI op mijn pad.

Opnieuw voelde het niet als een methode, maar als thuiskomen.

Niet alleen praten over wat er gebeurd was,
maar voelen en loslaten wat er nog vastzat.

Oude overtuigingen.
Patronen.
Dingen uit mijn verleden die nog steeds doorwerkten in mijn volwassen leven.

Zoals pesterijen uit mijn jeugd, die ik dacht allang achter mij te hebben gelaten.

Maar mijn systeem dacht daar anders over.

En daar, in dat proces, gebeurde iets wat ik niet kon forceren:

ik liet los.

Niet in mijn hoofd.
Maar in mijn lijf.

Het werd stiller vanbinnen.
Ruimer. Lichter.

Alsof ik iets teruggaf wat ik al jaren onbewust droeg.

En langzaam begon mijn leven te verschuiven.

Ik kreeg meer energie.
Meer ruimte in mijn hoofd.
Meer plezier in kleine dingen.

Ik werd een leukere moeder voor mijn kinderen.
Een fijnere partner.
Maar vooral: zachter voor mezelf.

Ik leef meer in het nu.
Ondernemen gaat makkelijker.
Ik trek andere mensen aan.
En ik kom beter voor mezelf op, zonder mezelf kwijt te raken.

Mijn glas is niet meer halfleeg.

Het is halfvol. En soms loopt het zelfs over.

Ik heb een stip op de horizon.
En ik beweeg daar stap voor stap naartoe.

Niet door harder te worden.
Maar door dichter bij mezelf te blijven.

Ik ben weer mezelf,
en blijf mezelf steeds beter leren kennen.

Ik leerde dat thuiskomen bij jezelf begint op het moment dat je stopt met jezelf verlaten.

Herken jij jezelf hierin?
Dat je er wel bent, maar jezelf een beetje kwijt bent geraakt?

Stuur mij gerust een berichtje.
Ik denk met je mee.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.