Soms lijkt het leven vol kleine uitdagingen te zitten die niemand ziet.
Voor mij is één van die uitdagingen over de drempel heen gaan.
Letterlijk en figuurlijk.
Het is dat moment waarop ik iets voor mezelf ga doen: een koffiedate met een vriendin, een middagje naar een expositie, een uitje dat puur voor mijn plezier is.
En toch… soms voelt het alsof ik eerst een berg moet beklimmen om überhaupt de deur uit te kunnen.
Het vreemde is dat dit gevoel nooit opduikt bij dingen die moeten.
Werk, boodschappen doen, de kinderen van school halen, dat gaat allemaal vanzelf.
Mijn hoofd zegt: “Kom op, doe het gewoon.”
Maar zodra het iets voor mezelf is, verandert dat in een hele interne soap.
Plotseling denk ik: “Is dit wel het juiste moment? Moet ik niet eerst dit afronden? Verdien ik dit eigenlijk wel?”
Te vaak heb ik het drempel-monster laten winnen.
Dan bleef ik inderdaad thuis, met al het schuldgevoel, de teleurstelling en de 'wat als...' tot gevolg.
Maar de keren dat het drempel-monster wint worden minder en minder.
En ja… dat kan hilarisch zijn.
Zoals die keer dat ik een koffiedate had gepland.
Ik zat thuis op de bank, jas half aan, en begon spontaan het hele huis op te ruimen.
Nog even een wasje opvouwen, kasten reorganiseren, zelfs de stofzuiger liep overuren.
Alles om de echte stap uit te stellen.
Uiteindelijk stapte ik over de drempel, en raad eens?
Het was maar een uurtje lachen en koffie, maar wat een overwinning was dat!
Het voelde geweldig!
Of die keer dat ik naar een kleine expositie wilde.
Het idee om naar buiten te gaan… Ik stond letterlijk minutenlang voor de deur te twijfelen.
Mijn hersenen draaiden overuren: “Wat als dit… Wat als dat... Moet ik nog niet eerst... Ik blijf gewoon lekker thuis"
Uiteindelijk ademde ik diep in, zette mijn voet over de drempel en stapte naar buiten.
En het was heerlijk.
Achteraf herinnerde ik mij vooral hoe fijn het was geweest, niet hoe zenuwachtig ik vooraf was.
Die kleine drempels vertellen zoveel over onszelf.
Over gewoontes, over zelfwaardering, over hoe gemakkelijk we verplichtingen voorrang geven boven plezier.
Ze confronteren ons met een eerlijk inzicht: dat iets leuks of ontspannends voor jezelf nemen niet vanzelfsprekend is.
Dat we soms moeten oefenen in het gunnen van vreugde, hoe klein of gewoon ook.
En dan het fysieke aspect: mijn hart klopt sneller, mijn ademhaling versnelt een beetje, mijn spieren zijn gespannen.
Alsof mijn lichaam het hele drama van mijn hoofd meemaakt.
Een drempel van een paar centimeter kan voelen als een kilometerslange hindernisbaan.
Een beetje humor helpt: ik stel mij soms voor dat die drempel een klein monstertje is, dat zegt: “Haha, jij denkt dat je zomaar plezier mag hebben?”
En dan zeg ik tegen mezelf: “Ja hoor, vandaag win jij niet!”
En ineens voelt die stap een stuk makkelijker.
Maar dat maakt het ook bijzonder.
Zodra ik die stap heb gezet, ontspant alles. Ik lach, ik geniet, ik voel mij verbonden.
Het is een kleine overwinning, een moment van zelfzorg dat onzichtbaar is voor de wereld, maar voor mij onbetaalbaar.
En dan is er dat andere, subtiele leed: zodra ik eenmaal bezig ben met iets leuks, wil ik dat het blijft duren.
Het idee dat het plezier eindigt, dat ik straks weer naar huis moet of dat de activiteit stopt, kan ineens een soort chagrijn of lichte irritatie oproepen.
Het voelt alsof ik dat fijne gevoel wil vasthouden, alsof het moment niet mag verdwijnen.
Terwijl ik net zo blij ben dat ik over de drempel ben gegaan, sluipt er een heimelijk verlangen in: “Laat dit nog niet ophouden!”
Dat is zo’n dubbel gevoel: eerst de spanning om te beginnen, en dan het bijna-onvermogen om het plezier los te laten.
Hoe frustrerend dat soms ook voelt, het laat ook zien hoe waardevol dat moment voor mij is.
Hoe echt ik geniet.
Hoe belangrijk het is dat ik het mezelf gun, zonder dat ik mezelf direct weer op een checklist zet of met andere gedachten begin.
Misschien hoort dat bij mens zijn.
Misschien is dat verlangen naar “het moment vasthouden” juist een teken dat ik leef, dat ik voel, dat ik plezier serieus neem.
En misschien is het een uitnodiging: om dat plezier helemaal te beleven, om te merken dat het oké is dat het eindigt en dat er altijd weer nieuwe momenten komen om over de drempel te stappen.
Een tip voor jou
De volgende keer dat jij aarzelt, probeer het eens zo:
- Herken de weerstand – zeg tegen jezelf: “Ah, daar is dat drempel-monstertje weer.”
- Adem diep in en uit – laat het even zakken.
- Zet één kleine stap – letterlijk één voet over de drempel, of begin met dat kleine pleziermoment.
- Voel het effect – merk op hoe alles ontspant zodra je eenmaal bezig bent.
- Sta jezelf toe het moment volledig te beleven – ook al weet je dat het eindigt, merk op hoe het voelt, lach, geniet, en onthoud dat het oké is dat het eindigt. Er komen altijd nieuwe kleine momenten van plezier.
Soms is dat alles wat nodig is: één kleine stap, één diepe ademhaling, één bewust moment van genieten.
En die drempel, hoe zwaar hij soms ook lijkt, is ook de plek waar het plezier begint.
Elke keer dat je die drempel overgaat, oefen je in jezelf iets gunnen.
En wie weet, met elke stap wordt het een stukje makkelijker (en leuker) om plezier te kiezen, gewoon omdat je het verdient!
Reactie plaatsen
Reacties